FLORES- Wil je een bijzondere, unieke ervaring beleven? Dan moet je zeker een bezoekje brengen aan Wae Rebo. Een traditioneel dorpje, dat enkel bereikbaar is door een hike door de jungle. Wij verbleven er een nacht en dit is onze ervaring.

De hike door de jungle duurt ruim twee uur. Best een pittig tochtje, waarbij je bij de heenweg vooral moet klimmen. Maar het is vooral de weg erheen die een hel is. Vanuit Ruteng is het ruim vier uur rijden naar Denge, het dorp waar je start met de hike. Daags voordien kwamen wij twee zestienjarige jongens tegen die toerisme studeren en ons graag wouden begeleiden naar Wae Rabo, op deze manier konden zij namelijk al wat ervaring opdoen én ze krijgen hier ook punten voor op school. We gaven het een kans en huurden een motor voor hen en onszelf. De goedkoopste optie, maar ik raad hem zeker niet aan! Tijdens het reizen hebben we al op héél wat slechte wegen gereden, maar deze staat absoluut op nummer één. Een rit van vier uur is al behoorlijk lang en zwaar, laat staan wanneer je 2/3de van de tijd op een kapotte weg moet rijden. Grote delen van de weg waren simpelweg een put met keien en steentjes er in, de weg richting Denge is dan ook ontzettend gevaarlijk. (zie foto’s en beeld je dit twee à drie uur lang in).

Mathijs is gelukkig een goede chauffeur, we zijn dan ook heelhuids aangekomen, maar ik kan goed begrijpen dat er hier heel wat toeristen tegen het dek gaan. Je moet je ontzettend hard concentreren, héél je lichaam doet pijn na de rit en het kost behoorlijk wat energie. Zelfs ik, die gewoon achterop zat, was gewoon kapot. Ik had dan ook absoluut geen zin meer om nog te starten met de hike! Een auto is een duurdere maar véél veiligere optie, ideaal wanneer je met een grotere groep bent. Je kan ook een tour boeken, maar dit is naar mijn gevoel iets minder ‘speciaal’ en bovendien veel te duur. Onderweg van Ruteng richting Denge kom je heel wat dorpen tegen waar ze niet gauw een toerist zien. We werden dan ook enthousiast nageroepen en -gezwaaid door deze lieve bevolking. Kinderen renden ons schreeuwend en lachend achterna, ik probeerde er zoveel mogelijk een high five te geven. Onderweg deelden we ook wat snoepjes uit aan enkele lieve meisjes, een hele fijne ervaring. De lach op de kinderen én volwassenen hun gezicht wanneer je naar hen zwaait en lacht is echt onvergetelijk.

 
 

Zie jij de buffel liggen op de foto? Tip: Hij lijkt op een steen!

Ruim vier uur later kwamen we aan in Denge, we moesten nog eten alvorens te starten met de hike en dit bleek niet zo simpel te zijn. Restaurantjes zijn er niet echt, dus we begaven ons richting een homestay. Tevens de enige homestay in Denge, waar we bovendien véél te veel betaalden voor onze simpele lunch, bestaande uit rijst, ei en groenten. Na onze lunch begon het ook nog eens behoorlijk hard te regenen, al hadden we gelukkig wel onze regenponcho’s bij. Het was nog een tiental minuten rijden richting het startpunt van de hike en eenmaal aangekomen hield het gelukkig ook op met regenen. Het bos was gehuld in een dik mistig tapijt. Een schattige, oude man verkoopt wandelstokken aan dit startpunt voor zestig cent en dit is zeker geen overbodige luxe. De weg is -vooral wanneer het geregend heeft, en het regent hier vaak- glad en modderig. Met deze stok krijg je toch nog enigszins een beetje houvast en het zorgt gewoon voor een veilig gevoel.

De weg naar Wae Rabo is eigenlijk niet heel zwaar, maar door de vermoeidheid tijdens de motorrit, koste dit toch wel een hoop energie. Er hing een zware mist door heel de jungle, waardoor we géén uitzicht hadden. Toch gaf deze mistlaag een bijzonder, mysterieus en sprookjesachtig effect. Het deed mij eerlijk gezegd ook wat denken aan een horrorfilm. Zeker toen we aankwamen aan een krakende hangbrug, gehuld in een mistlaag. Tijdens het hiken is het opletten geblazen. De wegen zijn soms zéér small, de afgrond diep. Her en der liggen er ook stenen los, die je plots achter je naar beneden ziet vallen. Je wandelt langs diepe afgronden, door het water en het slijk. Na ruim twee uur waren we dan ook zeer blij dat we het dorp bereikten, welke trouwens ook volledig schuilging achter de mist. Op dag één was het dus niet echt mogelijk foto’s te nemen.

Aangekomen in het dorp werden we verwelkomt door Michael, een vriendelijke jongeman die geboren is in het dorp en er na zijn studies (even) werkt als ‘gids’. Alvorens het dorp te verkennen en foto’s te nemen moesten we eerst een ceremonie ondergaan, waarbij we lid werden van ‘de gemeenschap’. We namen plaats in de grootste hut van het stamhoofd, gaven een donatie (50.000rp = 3 euro) en de ceremonie kon beginnen. Ondertussen merkte ik een hele grote vlek op, op mijn kous. Modder dacht ik in eerste instantie, al had ik geen idee hoe dat in godsnaam zo diep in mijn schoen was geraakt. Bleek het helemaal geen modder te zijn, maar wel een gigantische bloedvlek. Het bloeden was ondertussen nog steeds niet gestopt…. Een bloedzuiger had mij duidelijk te pakken gekregen. Ook aan Mathijs zijn hand hing er plots een bloedzuiger. Ik had inderdaad een ‘bolletje’ van mijn kous geveegd, maar had geen idee dat dit een bloedzuiger was.

Toen ik mijn schoenen terug wou aandoen, zag ik nog zo een kleine etter kruipen in mijn schoen. Hij had zich dwars door mijn kous aan me vastgeklampt. YEKK! Onze schoenen zaten trouwens ook helemaal onder de modder, hou hier zeker rekening mee en draag goede, stevige schoenen. We zagen enkelen op teenslippers, maar dit is allesbehalve aan te raden. Alleen al met de vele bloedzuigers!

Na de ceremonie werden we begeleidt naar de hut waar wij zouden overnachten. Dit is een zeer grote hut met allemaal matjes op de grond, niet echt comfortabel dus. Er zijn gelukkig voldoende kussens en dekens, dus je kan het jezelf ’s nachts wel wat makkelijker en comfortabeler maken, maar het is uiteraard geen bed zoals wij gewoon zijn. Ik hoorde van anderen dat de plek zeer toeristisch kan zijn en dat je tal van tours kan tegenkomen, maar wij waren nagenoeg de enige toeristen en al helemaal de enige blanke. We deelden onze hut met tal van andere Indonesiërs. Ja je leest het goed, dit is een zeer populaire plek waar mensen uit eigen land ook graag eens een bezoekje aan brengen. Veel is er niet te doen in het dorp, dit is dus het perfecte moment om heerlijk te relaxen met een boek of om samen met de lokale kinderen balspelletjes te spelen op het grasplein. ’s Avonds aten we met z’n allen op de grond, een simpele maaltijd bestaande uit rijst, groenten en voor de liefhebbers kip. Identiek dezelfde maaltijd dus die we die middag aten. We raakten aan de praat met twee hele toffe gidsen, hadden een aangenaam gesprek, maakten grapjes en lachten er op los. Na het eten speelden we nog enkele leuke kaartspelletjes, het werd een ontzettend gezellige avond.

Rond een uur of negen gingen we naar ons ‘bedje’ toe. Je hebt de mogelijkheid om jezelf te wassen, maar dit sloegen we voor één keer toch maar over. Het is buiten namelijk ontzettend koud en ook het water is véél te koud, hier hadden wij echt geen zin in. Moet je naar de toilet toe? Ook deze bevindt zich uiteraard buiten, ik besloot dan ook in de avond niet al te veel meer te drinken, aangezien ik die nacht écht niet naar de wc wou gaan. Twee kussentjes onder ons hoofd, twee dekens om ons warm te houden en buiten het vreselijke gesnurk van enkele medemensen, sliepen we best nog wel oké.

Ochtend. We trekken onze bevuilde kleren terug aan en gaan aan de ontbijttafel  zitten, met andere woorden… op de grond! Het ontbijt wordt geserveerd welke bestaat uit rijst, eieren en crackers. Ik krijg er niet al te veel van binnen en verlang stiekem naar yoghurt, fruit of simpelweg toast met confituur.

 

Wanneer ik na het ontbijt even naar buiten piep zie ik dat de mist is weggetrokken. “Geen mist, tijd voor foto’s!” Roep ik Mathijs nog na terwijl ik mijn camera vastgrabbel, mijn veters strik en de perfecte plek uitzoek voor enkele kiekjes. Het dorp ligt er vredig bij en ik neem ruim de tijd om enkele foto’s te maken van wat hogerop. Ook Mathijs vliegt even rond met zijn drone om foto’s en video’s te maken. De drone foto’s zijn -zoals je hieronder ziet- ontzettend goed gelukt.

Het is ondertussen negen uur en we besluiten het dorp te verlaten, tot we plots een vrouw in volle vaart naar de hoofdut zien lopen. Verbaasd blijven we staan en al snel bekruipt ons het gevoel dat er iets mis is. Vrouwen beginnen te schreeuwen en te huilen, het geluid gaat door merg en been. De jongen waar we daags voordien nog kaartspelletjes mee speelden komt de hut uit en maakt een beweging die duidelijk maakt dat er iemand overleden is. Met open mond staan we het hele tafereel te aanschouwen, we weten niet goed wat te doen en al snel komen ook hier te tranen. Ik ken de persoon niet, ik weet begot niet over wie het gaat, maar toch razen de emoties door mijn lichaam. De twee studenten die ons gidsden naar het dorp vragen of we kunnen vertrekken, het lijkt hen beiden niet veel te raken. Ze staan daar maar wat apathisch te wezen, terwijl ik mijn tranen en gesnotter met moeite kan bedwingen. Mathijs en ik vinden het respectloos om op dit moment te vertrekken, dus we blijven staan en wachten af. Na toestemming te krijgen begeven we ons naar de mensen die voor de hut staan, uiteraard willen wij zelf niet naar binnen gaan. We geven allen nog een hand en betuigen onze welgemeende steun naar hen toe. Ze danken ons en vervolgens verlaten wij het dorp. De persoon die overleden bleek te zijn was een veertigjarige man. Hij was diezelfde ochtend nog opgestaan, maar voelde zich na enige tijd blijkbaar onwel en was terug gaan slapen. Waarschijnlijk kreeg hij iets aan zijn hart, ze troffen hem dood aan in bed. Ik vroeg aan één van de gidsen wat er nu zou gebeuren met het lijk. Een lijkschouwing gebeurd hier uiteraard niet en het gaat er anders aan toe dan bij ons. De persoon zou hoogstwaarschijnlijk diezelfde dag of de dag erop begraven worden ‘in de tuin’, bij het dorp. Dit is niet heel ongewoon. Er zijn her en der wel begraafplaatsen te vinden, maar heel vaak worden familieleden gewoon thuis begraven. Tijdens de motorrit kwamen wij tal van huizen tegen, waar voor de deur één of meerdere grafzerken te zien waren.

(Update: Ik hoorde achteraf dat dit de dag van vandaag niet meer toegestaan is, tenzij ze hier ontzettend veel voor betalen. Het dorp is een uitzonderlijk.)

We keren terug naar onze scooters. Terug een tocht van een kleine twee uur, welke nu gelukkig veel vlotter gaat dan daags voordien. De jongens en ik zingen nog enkele liedjes, waar Mathijs zich ontzettend aan ergert. We hebben alledrie niet bepaald een engelenstem. Tijd om terug te keren via de vreselijke weg, terug door de hel. Onderweg begint het bovendien ook nog eens kei hard te regenen, waardoor we maar liefst twee uur lang door de regen moeten rijden. Dit maakt de rit alleen nog maar erger en onveiliger. De regendruppels zijn zo dik, dat deze letterlijk pijn doen wanneer ze je huid raken. Ondanks de regenjassen zijn onze broeken en rugzakken uiteraard doorweekt. Er is niet alleen regen, maar ook nog eens een kille wind, waardoor we het binnen de kortste keren ijskoud hebben. Naar het einde toe hang ik met mijn hoofd naar beneden en smeek en bid ik een half uur lang dat dit moet ophouden. De rit duurt veel te lang en wanneer we eindelijk aankomen op onze kamer kunnen we niet wachten om ons op te warmen onder de douche. We zijn beiden onderkoeld en tegen elkaar geplakt staan we bijna een uur onder de kleine, hete waterstraal. Wat voelt dit goed. Kleren nat, rugzak nat, gsm’s nat, alsook de batterijen van de drone…. Dat is minder aangenaam.

Was dit een geweldige ervaring? Neen, zo zou ik het zeker niet noemen. Het was niet fantastisch, geweldig of superleuk. Wel was het een zeer unieke, speciale en bijzondere ervaring. Ik kan het dan ook zeker aanraden aan reizigers die wel wat houden van avontuur en op zoek zijn naar zo’n ervaring. Weg van de drukte, weg van de toeristen, het echte en pure leven in een traditioneel dorp.

Wat kost dat?

Indien je het dorp één dag wil bezoeken betaal je hiervoor 125.000 rp, wat neerkomt op iets minder dan acht euro. Wil je er overnachten? Dan kost de totaalprijs je 325.000 rp, wat neerkomt op 20 euro. Geen goedkope ervaring dus, wetende dat je met twee personen voor deze prijs een luxekamer hebt in Bali! Voor de ceremonie wordt er ook een fooi verwacht. Je kiest zelf wat je geeft, hiervoor gaven wij 50.000 rp (= 3 euro). Voor onze scooters betaalde wij 130.000 rp per dag, maar wij betaalde uiteraard ook de scooter van de jongens. Dit koste ons in totaal dus 520.000 rp (= 32 euro). Voor brandstof waren wij ongeveer 2,70 euro kwijt. Op dag één aten wij ook nog lunch in een homestay, waar wij ruim 7 euro voor neertelde. Ook hier betaalde wij voor de jongens, een fooi hebben we hen dan ook niet meer gegeven. Ik zou trouwens aanraden om het gewoon zélf te doen. Je hebt écht geen gids nodig en het zal je bovendien ook veel goedkoper uitkomen. Leuke ervaring voor deze twee jongens, maar niet echt een meerwaarde voor ons om eerlijk te zijn. Tijdens de terugweg wezen wij hen meer de weg dan andersom.

Tips en weetjes

  • Neem geen foto’s bij aankomst. Je ondergaat eerst een ceremonie en pas achteraf kan je foto’s nemen van het dorp.
  • Draag een lange broek (bv. jeans) en neem zeker een warme trui mee. Wij hadden dit absoluut nodig op de scooter en in het dorp.
  • Een regenponcho kan goed van pas komen, daar het in dit gebied zeer veel regent
  • De jungle zit boordevol bloedzuigers (wij hadden er zeer veel op onze schoenen, voeten, benen etc;) gebruik dus zeker een spray tegen muggen/bloedzuigers of speciale kousen. Ze bijten gewoon door normale kousen heen.
  • Vochtige doekjes zijn zeer praktisch om je lichaam wat op te frissen / proper te maken. Je kan jezelf wel wassen, maar aangenaam is dat hier niet.
  • Neem iets lekkers mee voor de kindjes onderweg
  • Draag bedekkende kledij in het dorp, uit respect voor de bevolking
  • Voor de vrouwen: neem een pyjama mee of kledij om in te slapen. Je slaapt hier met een zeer grote groep (merendeel Indonesisch) dus naakt of in lingerie slapen is hier minder gepast.
  • Het is niet toegestaan om te affectie te tonen / intiem te zijn in het dorp. Wanneer je ‘in bed’ ligt is dit uiteraard minder een probleem. Hou het wel bij een zedig zoentje of een knuffel 😉 Je moet hier uiteraard niet gaan rampetampen.
  • Neem voldoende water mee, want dit valt hier niet te verkrijgen
  • Neem eventueel wat snacks/fruit mee. Wij waren de enigen die dit niet hadden!
  • Scooters zijn enkel aangeraden voor mensen met ervaring, alsnog zou ik eerder opteren voor een auto